Fr

TECH

AI: roof en recepten, door Bruno Liesse

Zondag 8 November 2026

AI: roof en recepten, door Bruno Liesse

Inspelen op een stuiterende bal die alle kanten uitkan. Het beeld bevalt me wel, want het heeft iets kwieks en spontaans, in een vrolijke beweging. Aldus wil ik inspelen op het artikel over Hugues Rey en zijn vuistdikke essay van 300 pagina’s dat onlangs in MM verscheen.

Dat zou voor een groot stuk meegeschreven zijn door AI, aldus de betrokkene (een betrouwbare bron dus), bij wijze van kader voor de “transformaties die marketing, communicatie en media doormaken”. Om te beginnen gaan we dus een precieze term moeten vinden voor hybride content van menselijke origine die tegelijk afkomstig is van die andere intelligentie, een onderscheid dat al bij al toch niet zo leuk voor de auteur. I-tekst, misschien? Bwah.

Als je de pers gelezen hebt (gratis, via Google dus), weet je ondertussen vast wel dat alle technologieaandelen stevig onderuitgaan. Dat komt naar verluidt door de midterms en de zwaai richting Democraten voor de grote beslissingen, zoals die over de reusachtige datacenters. Helaas hebben ze daarbij uit het oog verloren dat AI zich niet snel genoeg kan ontwikkelen zonder die vereiste koolstofbommen. Terwijl AI nochtans noodzakelijk is voor de economische aftakeling van de middenklasse en de afstomping van de massa. Ja dat lees je goed.

De evolutie was nochtans al goed in gang gezet, proactief gestimuleerd door de combinatie van sociale media en Gen-Niks. De uitspraak komt overigens niet van mij, wel van een paar gerenommeerde universiteiten (Oregon, Oslo, Wenen): “We rekenen enorm op generatieve AI om in onze plaats na te denken, te rekenen en te onthouden, waardoor de analytische spieren van onze hersenen verschrompelen.” Dat schreven ze al in 2018.

Ook de Northwestern University wijst trouwens op een “aanzienlijke achteruitgang in verbaal redeneren (logica en woordenschat), redeneren aan de hand van matrices (visuele probleemoplossing) en rekenvaardigheden”. Toch is er een skill die er wel op vooruitgaat: de ‘Interestingly, spatial reasoning skills - 3D rotation - actually increased’. Wat dat precies inhoudt, weet ik niet: misschien is het wel een versie van helikoptertje spelen, zoals we deden als we klein waren, om ter langst ronddraaien tot je hoofd begon te tollen en je vriendjes je lachend op de grond lieten vallen in plaats van je op te vangen. Maar wat voor zin heeft het om in drie of vier dimensies te redeneren als je – pardon my French - te dom bent geworden om te helpen donderen?

Maar ik dwaal af, zoals gewoonlijk. ‘L’Artisan et l’Algorithme’ van mijn vriend bij Havas dus. Hij nodigt ons al op de cover uit om AI te sturen (en dus niet andersom). Een mooie slogan en een boek in twaalf hoofdstukken voor 9,99 euro, dat ik jullie oprecht uitnodig te ontdekken – voor minder dan één euro per hoofdstuk heb je geen excuus om dat niet te doen. Heel Amerikaans zijn de hoofdletters in de titel en de optimistische visie waarop ik – zoals ik al aankondigde - vanuit een ander perspectief wil inspelen. Voor alle duidelijkheid – en alle mensen die liever geen termen of letterwoorden gebruiken waarvan ze de betekenis niet kennen – zal ik eerst definiëren wat een algoritme is: een eindige reeks regels of instructies in een vaste volgorde die van een beginpunt naar een doel leiden of een probleem oplossen. “Je kunt het vergelijken met een recept: als je de stappen precies volgt, bereik je het gewenste resultaat (zoals het bakken van pannenkoeken of het berekenen van de kortste autoroute)”. Dat zegt Gemini, het nieuwe brein van Google. Niet niks. Maar eerlijk gezegd krijg je bij zulke voorbeelden de indruk dat de machine de mensheid wil sturen, in plaats van omgekeerd.

Wat dat andere perspectief betreft, namelijk dat van de potentiële verruiming of versterking door AI, is er volgens mij eerder sprake van de grootste roofpartij uit het postindustriële tijdperk, op veel grotere schaal dan die door Albert Frère of de Chinezen (ik zou nog twee andere columns nodig hebben om dat uit te leggen, als ik tegen dan tenminste niet verbannen ben).

Ik heb het natuurlijk over de gepikte kennis en expertise, waarbij AI zowat alles wat de mensheid sinds ze voor het eerst content produceerde ontvreemdt en wegsluist. In alle media dan nog Zonder aarzelen worden zelfs de meeste kunstwerken uit de meeste musea ter wereld in hoge resolutie gefotografeerd – een extreem voorbeeld, maar extremen zijn tegenwoordig nu eenmaal in de mode. AI is een interface die een gigantische, dynamische bibliotheek raadpleegt en daar dan een metalaag aan toevoegt. Ze kan dus zogezegd zelf ook een beetje nadenken door haar antwoorden zorgvuldig te selecteren en beperkt zich niet tot knip- en plakwerk van wat wij als dwaze mensengezegd of gemaakt hebben.

Het belangrijkste en meest dramatische voor ons allemaal – en dan heb ik het over marketing (UBA), communicatie (UMA) en media (VIA en de pers) – is volgens mij de verslechterende economische situatie van alle lokale uitgevers. Zij worden in quasi real time buitenspel gezet door de georganiseerde diefstal van hun publicaties. Wie beter op de hoogte is, zal misschien opwerpen dat “het Europees Hof van Justitie toch bevestigde dat persuitgevers aanspraak kunnen maken op een billijke vergoeding als ze aanbieders van online diensten toestemming geven om hun publicaties te gebruiken”. Er bestaat inderdaad dat artikel 15 van de richtlijn inzake naburige rechten, dat van toepassing is op al die “aanbieders”, zonder uitzondering. En “een lidstaat kan de modaliteiten van een billijke compensatoire vergoeding vastleggen”.

Behalve dat daar niks van in huis komt natuurlijk. Lokale of onafhankelijke uitgevers hebben niet het gewicht om eisen te stellen. Ze worden vaak gedwongen om ondoorzichtige en bespottelijk lage forfaitaire overeenkomsten te aanvaarden die door de platformen opgelegd worden. Dan is er ook nog de uitsluiting van de “korte fragmenten”: de richtlijn sluit hyperlinks en het gebruik van “losse woorden of zeer korte fragmenten” uit van vergoeding! Ja, dat lees je goed. Net daardoor wordt het meest gepikt. De GAFAM spelen in op die onduidelijkheid, of beter gezegd die leemte, om titels en korte samenvattingen weer te geven zonder ook maar één cent aan vergoeding te betalen. Zo beroven ze uitgevers van het grootste deel van die vergoeding. En dan, sorry dat ik het zo onpartijdig moet zeggen, is er nog hun afhankelijkheid van traffic: onze Belgische media zijn voor een (groot) deel afhankelijk van de bezoekersstroom die Google en Facebook aanleveren. Hun content van die platformen weren zou neerkomen op digitale zelfmoord, en ze staan bepaald niet te springen om zich te verenigen om gezamenlijk actie te ondernemen.

Bittere ernst allemaal. Laten we afsluiten met een lichtere noot. Die crash waarover ik het hierboven al had, is daarvoor vast een goede keuze. Want geef toe, het is toch wel bijzonder. Je neemt de vier grote bedrijven die samen vijfduizend miljard beurswaarde in de schaal leggen (of toch iets minder sinds het begin van de week, haha) en die zowat de volledige artificiële intelligentie op aarde vertegenwoordigen. En dan zit er bij al die genieën niet één die de crash zag aankomen, zelfs niet met behulp van zijn eigen tools. Niet één die voorspelde dat Trump eruit zou vliegen, terwijl dat voor je conciërge of je kapper toch duidelijk was. Niet één die het verband legde met de vergunningen voor datacenters. Niet één die kon zeggen dat er een stevige correctie zou volgen door de te verwachten vertragingen in de ontwikkelingen.

Dus vroeg ik hoe dat kwam aan AI, om te weten waar ze in godsnaam met haar hoofd zat. Haar antwoord was duidelijk: “Hoewel AI-modellen enorme datasets verwerken om historische correlaties en trends te identificeren, kunnen ze de definitieve uitkomsten van menselijk gedrag niet met zekerheid voorspellen.” Dat zou zijn alsof je elke dag hetzelfde gerecht klaarmaakt. Een hele geruststelling. Fijne zondag.

Archief / TECH