Fr

TRAINING&BOOKS

Over een generatie die niet meer gelooft in een betere toekomst, door Matthieu Vercruysse (Publicis Groupe)

Zondag 27 September 2026

Over een generatie die niet meer gelooft in een betere toekomst, door Matthieu Vercruysse (Publicis Groupe)

In elke samenleving willen mensen ervoor zorgen dat volgende generatie beter leeft dan de vorige. Vooruitgang is gebouwd op die eenvoudige belofte: onze kinderen zullen een beter leven hebben dan wij zelf. Maar wat gebeurt er wanneer die overtuiging in vraag wordt gesteld?
 
Volgens de OESO denkt vandaag een meerderheid in veel ontwikkelde landen dat kinderen het financieel minder goed zullen hebben dan hun ouders.
 
Concreet betekent dit dat een 25-jarige - lid van de zogenaamde GenZ dus - vandaag met minder vanzelfsprekendheid kan geloven dat zijn leven beter zal zijn dan dat van zijn ouders. Het gaat om een perceptie, maar dat pessimisme is noch uitzonderlijk, noch onbeduidend.
 
Het maakt deel uit van een nieuw klimaat: meer angst, minder zingeving, een kwetsbaardere verhouding tot werk, engagement en gezin, maar ook tot de natie en de politiek. Die trends worden steeds duidelijker zichtbaar in de samenleving en beïnvloeden de manier waarop Gen Z consumeert, werkt, zich engageert en naar de toekomst kijkt. Het is een belangrijke vaststelling voor marketeers die hun doelgroepen beter willen begrijpen, maar ook voor degenen die hen tewerkstellen, onder meer bij de bureaus.
 
Wat is er nodig om deze tendens op maatschappelijk niveau daadwerkelijk om te buien? Is een macro-economische omslag in Europa in het komende decennium nog mogelijk om het tij te keren?
 
Ik stelde de vraag aan een panel van vooraanstaande economen tijdens het BIM Forum dat Media Marketing half september organiseerde in TheMerode.
 
Hoewel dit vertrouwensverlies reëel is, wilde econoom Peter De Keyzer het toch kaderen. Elke generatie, zei hij, had zo haar redenen om te denken dat de toekomst er somberder uitzag. En toch zijn die rampscenario's volgens hem telkens onjuist gebleken. In de jaren ’70 en ’80 lag de werkloosheid bijvoorbeeld hoger, bereikte de Koude Oorlog zijn hoogtepunt, was de nucleaire dreiging alomtegenwoordig en wakkerden de oliecrisissen een sterk gevoel van onzekerheid aan.
 
Etienne Bouas-Laurent, CEO en Chairman van AXA, voegde daaraan toe dat de huidige generatie voortdurend een lawine van informatie over zich heen krijgt en zich sterker bewust is van de risico's. Een veelheid aan signalen in real time versterkt het gevoel van onzekerheid. Ook beaamde hij dat het voor de jongere generaties bijzonder moeilijk is om daarmee om te gaan.
 
Peter De Keyzer vatte het als volgt samen: elke generatie had haar negatieve ideeën over de toekomst, maar crisissen gaan voorbij. Wat blijft, is "de menselijke geest, die er altijd is om problemen op te lossen".
 
Onder andere door te investeren en ondernemen om opnieuw greep te krijgen op de eigen toekomst. Vandaag ziet de econoom jongeren van 16, 17 of 18 jaar die zich ervan bewust zijn dat ze wellicht niet zullen kunnen rekenen op hetzelfde pensioen als hun ouders of grootouders en daarom al op zeer jonge leeftijd beginnen te beleggen op de beurs. Die belangstelling voor beleggen heeft De Keyzer naar eigen zeggen nooit in die mate gezien bij vorige generaties.
 
Voor De Keyzer wijst die reflex op iets diepers: de wil om de eigen economische toekomst meer in handen te nemen, op lange termijn te investeren en misschien de eerste tekenen van een meer ondernemende samenleving.
 
Max Jadot, Chairman van BNP Paribas Fortis, ging daarop verder. "Ondernemerschap is wel degelijk aanwezig", zei hij. "Vandaag zie ik meer jongeren die een eigen zaak beginnen dan in de jaren 70 en 80. Misschien zullen er over 25 jaar in België veel meer ondernemers zijn dan ambtenaren."
 
Vervolgens bracht hij het debat terug naar het macro-economische niveau. Investeringen en ondernemerschap zijn belangrijke hefbomen op individueel niveau, maar zullen niet volstaan zonder de terugkeer van een sterke economische groei in Europa.
 
Maar uiteindelijk ging het fundamentele thema dat uit dit panel naar voren komt, verder dan de loutere kwestie van groei: hoe kunnen we het vertrouwen in de toekomst herstellen en ervoor zorgen dat mensen meer zelf vorm geven aan hun eigen leven?
 
Etienne Bouas-Laurent gaf nog een maatschappelijke dimensie mee: nu de risico's die mensen waarnemen zich opstapelen, moeten we ze ook geruststellen en meer middelen aanreiken om zelf in actie te komen, zodat ze opnieuw vertrouwen en ondernemingszin krijgen. Volgens Peter De Keyzer hangt die hernieuwde controle onder meer samen met beleggen en investeren. Niet zozeer door alleen maar te sparen, maar ook door deel te nemen aan de groei waarin je kiest te geloven. Zijn aanbeveling is heel concreet: betrek jongeren al op zeer jonge leeftijd bij deze thema's. Zo vertelde hij bijvoorbeeld dat hij zijn kinderen voor hun verjaardag een aandeel van een bedrijf cadeau doet. Een manier om hen warm te maken voor werk, waardecreatie en de groei van een onderneming.
 
Uiteindelijk blijft één essentieel onderscheid overeind: dat tussen de perceptie van de toekomst en de werkelijkheid ervan. Het pessimisme is duidelijk aanwezig in peilingen, maar niets wijst erop dat het onvermijdelijk is. Het panel was in ieder geval bijna aanstekelijk optimistisch: een uitgesproken vertrouwen in het menselijke vermogen om problemen op te lossen, te ondernemen en het eigen lot in handen te nemen.

Archief / TRAINING&BOOKS