Fr

AGENCIES

Hoe het management van Paramount Skydance de dark side van mediabuying blootlegt, door Fred Bouchar (MM)

Vrijdag 14 November 2025

Hoe het management van Paramount Skydance de dark side van mediabuying blootlegt, door Fred Bouchar (MM)

Het management van Paramount Skydance zorgde deze week voor flink wat beroering tijdens een earning call met investeerders.
 
Op de vraag van een analiste van Bank of America Securities naar het mediapartnership met IPG en Publicis, verklaarde Jeffrey Shell, president van Paramount Skydance, dat hij na een pitch voor deze twee bureaus koos, om redenen die veel verder gingen dan louter mediabuying.
 
“We zullen aanzienlijke besparingen realiseren op de marketinguitgaven in het hele bedrijf, bovenop tal van andere voordelen door samen te werken met de twee grootste buyers. Maar de echte kans ligt in twee andere domeinen”, aldus de man.
 
“Ten eerste doen deze bureaus, deze holdings zoveel meer dan gewoon mediaruimte aankopen, ze vertegenwoordigen ook al onze commerciële klanten. In het kader van deze overeenkomst hebben we belangrijke omzetverplichtingen voor drie jaar binnengehaald van Publicis en IPG.” Patat!
 
“Het ligt voor de hand dat een deel van de ‘nuance’ te maken heeft met incremental. We wilden niet gewoon buying die onze bestaande reclame zou vervangen. We verwachten dus dat het grotendeels om digitale reclame zal gaan waar we die het meest nodig hebben, en dat zou de komende twee jaar uit onze cijfers moeten blijken.” En nu jij.
 
Kort samengevat geeft het topmanagement van Paramount Skydance — CEO David Ellison was uiteraard aanwezig op de call — openlijk toe dat ze hun mediabudget aan Publicis en IPG toevertrouwden omdat die zich ertoe verbonden hebben een bepaald mediavolume via ‘principle-based  buying’ bij hen af te nemen.
 
Ter herinnering: principle-based buying betekent dat een mediabureau in bulk reclame-ruimte koopt voor eigen rekening, om die later door te verkopen aan klanten. Zoals een recente studie van Forrester aangaf, wordt deze praktijk steeds meer de norm.
 
“Het is een van de slechtst bewaarde geheimen in de sector, maar dit is waarschijnlijk de eerste keer dat het zo expliciet verwoord wordt”, verklaarde Ruben Schreurs, CEO van Ebiquity, in AdAge.
 
“Als zijn opmerkingen bewust waren, verdient Shell lof voor zijn radicale transparantie”, voegt Brian Wieser van Madison and Wall toe in hetzelfde artikel.
 
Transparantie… Het toverwoord van deze week, zo blijkt.
 
We komen het opnieuw tegen in de nieuwe rechtzaak die tegen WPP aangespannen werd door een van zijn voormalige topmensen. Die beschuldigt het concern ervan hem onterecht te hebben ontslagen nadat hij “ongepaste praktijken” had gemeld. Concreet beweert Richard Foster — want zo heet de man — dat GroupM (WPP Media) aanzienlijke volumekortingen bij media onderhandeld had en dat die niet altijd volledig aan klanten doorgestort werden. Hij heeft het over meerdere miljarden dollar…
 
Transparantie ook bij Arthur Sadoun. Op de Morgan Stanley European TMT-conferentie in Barcelona veroordeelde de topman van Publicis de keuze van Omnicom om zijn financiële resultaten te communiceren op basis van bruto-omzet. Volgens hem vertekent deze methode de vergelijkingen met andere holdings die in netto-omzet communiceren, schaadt ze het vertrouwen van investeerders… en dus de transparantie.
 
Dit brengt ons terug naar de grote discussies die destijds ontstonden rond het bureauklassement van de voorloper van de ACC. Dat was gebaseerd op “gross revenue”: de publicatie kreeg van alle kanten kritiek wegens haar gebrek aan transparantie, nog vóór de Belgische filialen van de Amerikaanse groepen er een punt achter zetten onder het mom van de Sarbanes-Oxley-wet uit 2002: niks aan de hand en geen vuiltje aan de lucht, nietwaar?

Archief / AGENCIES